Aanbiedingsbrief
In deze verkenning stelt de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (RMO) de vraag hoe maatschappelijke organisaties met een publiek doel (denk aan woningcorporaties, scholen, ziekenhuizen, publieke omroepen en welzijnsorganisaties) legitimiteit verwerven en behouden in het licht van verschuivende verhoudingen tussen deze organisaties, de overheid en burgers. Deze vraag is actueel, nu maatschappelijke organisaties druk doende zijn om via nieuwe governancestructuren de kwaliteit van hun dienstverlening te borgen.
Er dreigt een legitimiteitprobleem…
Als gevolg van historische ontwikkelingen zijn veel maatschappelijke organisaties steeds meer op afstand van de samenleving komen te staan. Hiermee is volgens de Raad de legitimiteit van maatschappelijke dienstverlening op sector- én organisatieniveau onder druk gekomen. Bijna dagelijks bereiken ons via de media berichten die de urgentie van dit probleem illustreren: klachten over ‘stopwatch’ zorg, zorgen om een doorgeschoten schaalvergroting in het onderwijs, discussies over de wenselijkheid van een pluriform omroepbestel, en waarschuwingen voor de gevolgen van de afnemende effectiviteit van medezeggenschap in bijna alle sectoren.
…dat veel sectoren serieus nemen.
Deze ontwikkelingen laten de sectoren niet onberoerd. Veel maatschappelijke organisaties streven doelbewust naar een betere verankering van hun dienstverlening om zo hun legitimiteit te vergroten. Voor de verkenning heeft de Raad verschillende mechanismen onderzocht die maatschappelijke organisaties hiervoor kunnen inzetten: 1. toezicht en verantwoording; 2 keuzevrijheid; en 3. betekenisvolle feedback van cliënten.
De balans tussen de strategieën kan nog beter…
De verkenning laat zien dat de drie mechanismen essentiële onderdelen zijn van ‘good governance’. Een onevenwichtige nadruk op een van de drie zal, zo constateert de Raad, echter weinig effectief zijn. Het borgen van de legitimiteit vraagt om een gecombineerde aanpak waarbij maatschappelijke betrokkenheid centraal staat. In de laatste decennia heeft in het kader van governance de nadruk vooral gelegen op de professionalisering van intern toezicht, verdere horizontalisering van verantwoording en het verbeteren van de keuzemogelijkheden voor cliënten. Ontwikkelingen op het gebied van dialoog en discussie tussen organisaties en burgers, de zogeheten voice, zijn hierbij onderbelicht gebleven. De Raad meent dat maatschappelijke organisaties ten aanzien van de versterking van hun legitimiteit juist op dit gebied nog veel winst kunnen behalen.
…maar dat is niet eenvoudig.
Het probleem is echter dat veel maatschappelijke organisaties door financiële afhankelijkheden, verantwoordingsplichten en opgelegde procesregels voordurend in de verticale reflex schieten. Ze zijn vooral druk met verantwoording naar de overheid. Ze komen eenvoudig niet toe aan de noodzakelijke publieke verantwoording en het organiseren van betrokkenheid vanuit de samenleving. Een betere inrichting en inbedding van ‘voice’ kan een eerste en belangrijke stap zijn om organisaties uit deze klem te bevrijden. Immers, de kwaliteit van de dienstverlening is gebaat bij een continue en effectieve interactie met burgers en cliënten. Bovendien draagt voice ook bij aan de betrokkenheid bij en het draagvlak voor een organisatie en zo aan de legitimiteit.
Met deze verkenning en de discussiebijeenkomsten hoopt de RMO een bijdrage te leveren aan het denken en het debat over de organisatie van hoogwaardige maatschappelijke dienstverlening, waarin burgers centraal staan.
