Sla inhoud over

Persbericht

Onderwijs, zorg en welzijn kunnen leren van de kredietcrisis

Productieve werkwijzen die langzaam maar zeker leiden tot perverse uitkomsten zijn niet voorbehouden aan de financiële sector. Ook sectoren als onderwijs, zorg en welzijn hebben hiermee te maken. Het is tijd om te leren van de overeenkomsten tussen de financiële sector en maatschappelijke sectoren en tegenwicht te bieden aan perversiteiten. Dat stelt de Raad voor Maatschappelijke Ontwikkeling (RMO) in zijn 50e advies:

Tegenkracht organiseren. Lessen uit de kredietcrisis

Bespiegelingen over de kredietcrisis gaan vooral over de hervorming van de financiële sector en de gevolgen voor de economie. De vraag of er parallellen bestaan tussen handelingswijzen die bijdroegen aan kredietcrisis en werkwijzen in maatschappelijke sectoren, komt nauwelijks aan de orde. In Tegenkracht organiseren stelt de RMO precies die vraag. Niet om nieuwe crises te voorspellen, wel om lessen te trekken en een bredere discussie te voeren.

Het advies start met werkwijzen in de financiële sector. Aan bod komen de hypotheekverstrekking aan mindervermogenden in de VS, het gebruik van risicoprofielen om klanten te classificeren en het belonen met bonussen. Deze goedbedoelde en productieve werkwijzen resulteerden uiteindelijk in perverse uitkomsten. Oorspronkelijke doelen raakten uit beeld uit, classificaties gingen een eigen leven leiden en financiële prikkels beloonden de verkeerde ‘successen’. Vergelijkbare situaties kunnen zich voordoen in maatschappelijke sectoren. Het advies bekijkt onder meer de Cito-toets in het primair onderwijs, de indicatiestelling in de zorg en de financieringsstromen in het hbo.

Het risico bestaat dat productieve werkwijzen ook daar zo dominant worden dat perverse effecten niet uitblijven. Op dat moment overheersen de kortetermijnbelangen de noodzakelijke langetermijnbelangen. Een verklaring hiervoor is gelegen in het streven naar een beheersing van de complexe werkelijkheid. Gaandeweg kan er een situatie ontstaan waarin men aan andere zienswijzen voorbij gaat en organisaties steeds eenvormiger worden. Omdat dit proces zich langzaam en stapsgewijs voltrekt, is het vaak pas zichtbaar als de perverse effecten zich in verregaande vorm aandienen. Zo lang het goed gaat, is er geen reden tot zorg, zo lijkt het.

Die houding bestrijdt de RMO. Om het optreden van perverse effecten moeilijker te maken, is continue tegenkracht noodzakelijk. Ten eerste beveelt de Raad aan methodische armoede tegen te gaan en juist te kiezen voor een variëteit aan werkwijzen. Het is goed om gekozen methodes steeds ter discussie te stellen en met elkaar te vergelijken. Echte variatie die recht doet aan de vraag van klanten of cliënten ontstaat bovendien pas wanneer de financiering niet aan één bepaalde werkwijze is gekoppeld. Ten tweede adviseert de Raad te werken aan tegenspraak in een sector of organisatie. Bijvoorbeeld door kritiek en tegengeluiden te belonen en cliënten en consumenten hier nadrukkelijk een rol in te geven. Kritische geluiden zijn essentieel om het ontstaan van naar binnen gekeerde organisaties en sectoren te voorkomen.


Het advies Tegenkracht organiseren is te bestellen bij de RMO of te downloaden via www.adviesorgaan-rmo.nl. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Lotte van Vliet, l.vliet@adviesorgaan-rmo.nl of 070 340 5294.